|
Een Spaghetti Western
Er was een tijd dat men spannende westerns filmde voor een mindere hoeveelheid dollars. Dat gebeurde in Italië waar men met wat kunstgrepen een omgeving wist te creëren die op het ‘wilde westen' leek. Op zich best spannend en, hoewel vaak belabberd nagesynchroniseerd het kijken best waard. Het ergst was nog de Duitse nasynchronisatie herinner ik me plotseling. Maar ach..Zoveel spannends was er in die tijd nu ook weer niet op TV. In de jaren '80 groeide dit genre films uit tot kwalitatief betere producten. Wie herinnert zich geen beelden bij de blaartrekkende muzie van Ennio Morricone?
Maar daar gaat het hier natuurlijk niet over. Ik wilde nog even terug komen op de Orvis Western3 die ik, vlak voor de vakantie, kocht en waarvan ik ernstig het vermoeden had dat het wel eens een hele fijne vlagzalmhengel kon zijn voor een buitengewoon sympathieke prijs van dik onder de 200 euro.

Je kunt in de winkel nog zo zwiepen met een hengel; echt testen doe je 'm waar en hoe je 'm in het echt wilt gebruiken.
Wel, na uitvoerig testen op diverse Noorse vlagzalmrivieren, blijkt dit absoluut het geval te zijn. Dit ondanks het feit dat de hengel feitelijk bedacht is voor het Loch Style vissen op Schotse meren. Vandaar kennelijk dan ook die 10 foot . En juist die extra foot maakte de hengel een uitstekend mendend instrument die een lange(re) drift kan realiseren. De wat traag werpende hengel (dat doen vrijwel alle 10-footers) serveert secuur en is in staat ook forse vlagzalmen op de stroom goed te kunnen afdrillen. Zelfs voor een ongecertificeerde werpert als ik.
Ik heb er ook mee met nimfen gevist. Niet op de Czech wijze maar wel iets wat er van weg had. Ook nu was die 10e foot weer handig en was ik in staat met een iets opgeheven hengel, weinig wegdrijvende lijn op het water, een mooie natuurlijke drift van mijn nimf(en) te realiseren.
Er was echter één ding dat ik aan de hengel mistte. En dat was een butt. Zo’n extra stukje kurk aan het einde van de blank drilt beslist fijner op groot stromend water dan zonder. Het geeft meer steun waardoor de hengel niet alleen in de hand wordt gedrild maar ook hulp krijgt van de onderarm. Ik vind dat prettig. En blijkbaar meerdere vliegvissers want veel hengels vanaf #6 zijn met zo’n butt uitgerust. De "Glomma"#6, van onderstaande hengelbouwer, heeft die ook. Deze hengel zet ik nog steeds met erg veel plezier in onder wat zwaardere omstandigheden.

Zo ziet de aanpassing er in onderdelen uit.
Met het hele verhaal ben ik terug gegaan naar de hengelbouwer in het midden van het land. Want ondanks dat hij deze hengel niet zelf gemaakt had moest hij in staat zijn er een butt-je op te fabrieken. En zulks was in korte tijd door deskundige handen (Hennie) gerealiseerd. Het originele dopje heeft een pennetje gekregen van hi-modulus carbon en kan onder in of uit de hengel geschoven worden. Een butt werd voorzien van een zelfde stukje carbon en kan desgewenst de plek van het dopje innemen. Al naar gelang mijn behoefte dus. Al denk ik dat die butt er wel vaak op zal zitten. Geniaal! Over een kleine twee weken ga ik ‘m weer testen aldaar. Met butt!

Gewoon, met het dopje............. Of met zo'n fijne butt!
En aangezien de hengelbouwer in kwestie zich al jaren Antonio Roberto noemt is mijn Orvis Western nu zeer Italiaans getint. Een echte Spaghetti Western dus!
N.B. Niet verwarren met de ‘Spaghetti stokjes’ van wijlen Ben P., hengelbouwer uit Rotterdam. Die kregen die bijnaam vanwege de opvallend slappe actie. Destijds dé hengels op met heel lange leaders op Nederlands water te nimfen. Ik heb er nog eentje van in de collectie.
erikdenoorman |